Bisdom Haarlem-Amsterdam










Woensdagcatechese 18 december 2024

Algemene audiëntie paus Franciscus

gepubliceerd: woensdag, 18 december 2024
foto: Vatican Media
Paus Franciscus houdt audiëntie in de publiekszaal
Paus Franciscus houdt audiëntie in de publiekszaal

Op woens­dag 18 de­cem­ber 2024 is paus Fran­cis­cus be­gon­nen aan een cyclus van woens­dag­ca­te­che­ses over het Jubel­jaar 2025. Deze catecheses zijn in diverse talen be­schik­baar op de web­si­te van het Vati­caan maar hier­on­der plaatsen we de link naar de Engelse tekst en voor uw gemak ook een AI vertaling naar het Neder­lands. (deze AI vertaling kan onregel­ma­tig­he­den bevatten)

Wapen paus Franciscus

Paus Fran­cis­cus

Algemene Au­diën­tie

Publieks­zaal
Woens­dag 18 de­cem­ber 2024

De onder­staande tekst bevat delen die niet hardop zijn voor­ge­le­zen, maar wel als zodanig moeten wor­den beschouwd.

Catechese­cy­clus - Jubileum 2025
Jezus Christus, onze hoop
I. De kin­der­tijd van Jezus
1. Genea­lo­gie van Jezus (Mt 1,1-17)
De intrede van de Zoon van God in de ge­schie­de­nis

Beste broe­ders en zusters, goede­mor­gen!

Vandaag beginnen we met de catechese­cy­clus die het hele Jubel­jaar zal duren. Het thema is “Jezus Christus, onze hoop”: want Hij is het doel van onze pelgrims­tocht, en Hijzelf is de weg, het pad dat we moeten volgen.

Het eerste deel zal kijken naar de kin­der­tijd van Jezus, die ons wordt ver­teld door de evan­ge­lis­ten Matteüs en Lucas (vgl. Mt 1-2; Lc 1-2). De kin­dere­vangeliën ver­tellen over Jezus’ maag­de­lijke ont­van­ge­nis en Zijn geboorte uit de schoot van Maria; ze her­in­ne­ren aan de mes­si­aanse profetieën die in Hem vervuld wer­den en spreken over het wette­lijke vader­schap van Jozef, die de Zoon van God entte op de “stam” van de Davi­dische dynastie. We wor­den gecon­fron­teerd met een zuigeling, kind en adolescent Jezus, onderdanig aan zijn ouders en zich er tege­lijker­tijd van bewust dat Hij volle­dig toegewijd is aan de Vader en Zijn Ko­nink­rijk. Het verschil tussen de twee evan­ge­lis­ten is dat Lucas de gebeur­te­nissen ver­telt vanuit het per­spec­tief van Maria, terwijl Matteüs dat doet vanuit het per­spec­tief van Jozef, waarbij hij aan­dringt op dit ongekende vader­schap.

Matteüs begint zijn evan­ge­lie en de hele canon van het Nieuwe Testa­ment met de ‘genea­lo­gie van Jezus Christus, de zoon van David, de zoon van Abraham’ (Mt 1:1).

Het is een lijst met namen die al in de He­breeuwse ge­schrif­ten voor­ko­men, om de waar­heid van de ge­schie­de­nis en de waar­heid van het men­se­lijk leven te laten zien. In feite “bestaat de genea­lo­gie van de Heer uit het ware verhaal dat een aantal figuren bevat die op zijn zachtst gezegd proble­ma­tisch zijn, en de zonde van koning David wordt ook bena­drukt (vgl. Mt 1:6). Toch culmineert alles in Maria en Christus (vgl. Mt 1:16)” (Brief over de vernieu­wing van de studie van de kerkge­schie­de­nis, 21 no­vem­ber 2024). Dan verschijnt de waar­heid van het men­se­lijk leven dat van de ene gene­ra­tie op de andere overgaat, en drie dingen met zich mee­brengt: een naam die een unieke iden­ti­teit en missie omvat; behoren tot een familie en een volk; en ten slotte de trouw aan het geloof in de God van Israël.

Genea­lo­gie is een literair genre, dat wil zeggen, een vorm die geschikt is om een ​​zeer be­lang­rijke bood­schap over te brengen: niemand geeft zich­zelf het leven, maar ont­vangt het als een geschenk van anderen. In dit geval brengen het uit­ver­ko­ren volk, en zij die de erfenis van het geloof van hun voor­ou­ders erven, door het leven door te geven aan hun kin­de­ren, ook het geloof in God over.

In tegen­stel­ling tot de genea­lo­gieën van het Oude Testa­ment, waar echter alleen manne­lijke namen voor­ko­men - omdat in Israël de vader de naam aan zijn zoon oplegt - komen in Mattheüs' lijst van Jezus' voor­ou­ders ook vrouwen voor. We vin­den er vijf: Tamar, de schoon­doch­ter van Juda die, achter­ge­la­ten als weduwe, zich voordoet als een pros­ti­tuee om een ​​nageslacht voor haar man te verzekeren (vgl. Gen 38); Racab, de pros­ti­tuee van Jericho die de Joodse ontdek­kings­rei­zi­gers toe­staat het beloofde land binnen te gaan en het te veroveren (vgl. Jac 2); Ruth, de Moabi­tische die in het gelijknamige boek trouw blijft aan haar schoon­moe­der, zorgt voor haar en wordt de overgroot­moe­der van koning David; Bathseba, met wie David overspel pleegt en, nadat ze haar man heeft laten doden, Salomo verwekt (vgl. 2 Sam. 11); en ten slotte Maria van Nazareth, de vrouw van Jozef, uit het huis van David: uit haar wordt de Messias, Jezus, geboren.

De eerste vier vrouwen hebben niet gemeen dat ze zon­daars zijn, zoals soms wordt gezegd, maar dat ze vreemd zijn voor het volk van Israël. Wat Matteüs naar voren brengt, is dat, zoals Bene­dic­tus XVI heeft ge­schre­ven, "door hen de wereld van de hei­denen binnentreedt ... in de genea­lo­gie van Jezus - zijn missie naar Joden en hei­denen wordt zicht­baar" (The Infancy Narratives, Milaan-Vati­caan­stad 2012, 15).

Terwijl de vier voor­gaande vrouwen wor­den genoemd naast de man die uit hen werd geboren of degene die hem verwekte, krijgt Maria daar­en­te­gen een bij­zon­dere prominentie: zij mar­keert een nieuw begin. Zij is zelf een nieuw begin, omdat in haar verhaal niet lan­ger het men­se­lijke wezen de pro­ta­go­nist is van de voort­plan­ting, maar God Zelf. Dit blijkt dui­de­lijk uit het werk­woord “werd geboren”: “Jakob [was] de vader van Jozef, de man van Maria, uit wie Jezus werd geboren” (Mt 1:16). Jezus is de zoon van David, door Jozef geënt op die dynastie en voorbestemd om de Messias van Israël te zijn, maar Hij is ook de zoon van Abraham en van bui­ten­landse vrouwen, daarom voorbestemd om het “Licht der hei­denen” te zijn (vgl. Lc 2:32) en de “Redder van de wereld” (Joh 4:42).

De Zoon van God, toegewijd aan de Vader met de missie om Zijn gelaat te open­ba­ren (vgl. Joh. 1:18; Joh. 14:9), komt de wereld binnen zoals alle mensen­kin­de­ren, zozeer zelfs dat Hij in Nazareth “zoon van Jozef” (Joh. 6:42) of “zoon van de timmerman” (Mt. 13:55) genoemd zal wor­den. Ware God en ware mens.

Broe­ders en zusters, laten we in ons­zelf de dank­ba­re her­in­ne­ring aan onze voor­ou­ders wakker maken. En laten we vooral God danken, die ons door Moeder­kerk heeft voort­ge­bracht tot het eeuwige leven, het leven van Jezus, onze hoop.


Gerelateerde nieuwsberichten

vrijdag, 28 maart 2025Woensdagcatechese 26 maart 2025
woensdag, 19 maart 2025Woensdagcatechese 19 maart 2025
woensdag, 5 maart 2025Woensdagcatechese 5 maart 2025
woensdag, 26 februari 2025Woensdagcatechese 26 februari 2025
woensdag, 19 februari 2025Woensdagcatechese 19 februari 2025
woensdag, 12 februari 2025Woensdagcatechese 12 februari 2025
woensdag, 5 februari 2025Woensdagcatechese 5 februari 2025
woensdag, 29 januari 2025Woensdagcatechese 29 januari 2025
woensdag, 22 januari 2025Woensdagcatechese 22 januari 2025



Bisdom Haarlem - Amsterdam • Postbus 1053 • 2001 BB  Haarlem • (023) 511 26 00 • info@bisdomhaarlem-amsterdam.nlDisclaimerDeze website is gerealiseerd door iMoose