Hulpbisschop wijdde confrater

21 juni 2007

Mgr. J. van Burgsteden S.S.S., hulpbisschop van Haarlem, heeft zijn confrater Pieter van Wylick zaterdag tot priester gewijd. De feestelijke plechtigheid vond plaats in de Boom in Amsterdam, de kerk van Sint Franciscus.

Pieter van Wylick maakt deel uit van de communiteit van de paters Sacramentijnen in Amsterdam en zal zijn pastoraat uitoefenen in de hoofdstad. Petrus Johannes Maria van Wylick werd geboren op 14 juni 1965 in het Noord-Limburgse Baarlo onder Venlo. Hij volgde een opleiding tot electrotechnicus en was jarenlang werkzaam op dat gebied.

Zijn filosofische en theologische vorming ontving hij aan het seminarie voor late roepingen Bovendonk in Hoeven. Pieter werd in 2003 door mgr. Punt tot diaken gewijd. Hij liep stage in de parochie het Nieuwe Verbond in Nieuw-West en kreeg vervolgens een benoeming in de parochie van de H. Drie-eenheid in Amsterdam Oud-West.

De vele aanwezigen waren onder de indruk van de plechtigheid, waarin de saamhorigheid van de religieuze gemeenschap van de sacramentijnen de sfeer bepaalde.

Hieronder volgt de preek van mgr. Van Burgsteden.


Beste Pieter, collegae priesters, familie en u allen, broeders en zusters,

De lezingen waarnaar wij zojuist mochten luisteren zijn uitermate rijk van inhoud.

In de eerste lezing1 - uit de tweede brief van de apostel Paulus aan inwoners van Korinthe - laat Paulus ons zien wat zijn drijfveer is. Hij schrijft: ‘de liefde van Christus laat mij geen rust sinds ik heb ingezien dat Eén is gestorven voor allen’.

Paulus is zo geraakt door de liefde van Jezus voor Hem, dat hij geen rust meer kent in zijn leven. Hij wil zoveel mogelijk mensen laten inzien dat Jezus een persoonlijke liefde voor iedereen heeft. Niemand wordt door Jezus uitgesloten en Jezus heeft Zijn liefde voor iedere mens op dramatische wijze laten zien door voor allen te sterven.

Paulus spreekt van een licht dat hem werd geschonken: ‘sinds ik heb ingezien...’. Dit licht heeft Paulus’ hart en verstand verlicht. Hij heeft ingezien dat Jezus is gestorven voor hem, hij heeft ervaringskennis ontvangen, een sterke geloofservaring. Heel zijn wezen is betrokken bij deze ervaring van Jezus’ liefde voor hem. Dit is voor Paulus het hart van de Blijde Boodschap, de kern van Zijn Boodschap over Jezus.

Hij is zó aangeraakt door die liefde dat hij geen rust meer heeft. Er gaat zo’n missionair élan van die ervaring uit, dat hij iedereen diezelfde ervaring wil laten meemaken.

Maar er gaat niet alleen een missionair vuur van deze ervaring uit. Deze ervaring is ook een ervaring van een intieme relatie met Jezus, van een buitengewoon diepe eenheid met Jezus.

De eenheid met Jezus is zo diep dat Paulus in hemzelf Jezus als apostel en missionaris voelt leven. Dat zal Paulus in een andere brief ook letterlijk zo schrijven: ‘Ik leef niet meer, maar Christus leeft in mij’.2

Deze ervaring van de liefde van Jezus voor Paulus en voor allen heeft ook Paulus’ visie op de mens totaal veranderd. De ware kijk op de mens heeft Paulus pas nu mogen ontvangen.

De ware identiteit van de mens is Jezus. De mens is mens omdat hij is voortgekomen uit de liefde van God, in het leven geroepen door Gods liefde, herschapen uit liefde doordat Jezus voor hem gestorven en verrezen is. De mens ontleent heel zijn waardigheid én identiteit aan Jezus, aan de liefde van Jezus voor hem.

Paulus’ inzicht op de mens is fundamenteel anders geworden. ‘Daarom beoordelen wij voortaan niemand meer volgens de oude maatstaven. En al hebben wij Christus op zulke wijze beoordeeld, dan nu toch niet meer’.

Iedere mens is voor Paulus Christus omdat Jezus voor hem gestorven is, omdat Jezus uit liefde voor hem zijn leven heeft prijsgegeven. ‘Zo is dus wie in Christus is een nieuwe schepping. Het oude is voorbij, het nieuwe is al gekomen’.

Hierna roept Paulus zijn adressanten, de christenen te Korinthe - nu zijn wij die adressanten, in het bijzonder jij Pieter, die de priesterwijding gaat ontvangen en daarmee in de apostolische traditie geschaard wordt in die lijn van Paulus - op om ook zoals Paulus, nadat je ervaren en ingezien hebt dat Jezus is gestorven en verrezen voor jou, die boodschap van liefde bij de mensen te brengen.

Aan jou wordt de dienst van de verzoening toevertrouwd. De priester moet hierin voorgaan. De dienst van de verzoening is de dienst van de verkondiging van de liefde van Jezus voor iedere mens. Aan jou geeft God deze dienst van de verzoening mee.

Zoals de liefde van Christus Paulus geen rust liet sinds hij inzag dat Eén is gestorven voor allen, zo mag de liefde van Christus ook jou geen rust laten sinds je inziet dat Eén is gestorven voor allen.

Dit is de boodschap van de verzoening die Jezus door het Sacrament van het priesterschap jou toevertrouwt. Je wordt gezant van Christus, gezant van de liefde.

Je wordt gezonden om de mensen tot het inzicht te brengen dat God iedereen persoonlijk bemint, opdat zij op hun beurt niet meer voor zichzelf zullen leven, maar voor Hem die voor hen gestorven en verrezen is.

Verder Pieter,
Zoals Paulus word je geroepen om een man van gebed te zijn, vooral als kloosterling van het Heilig Sacrament, een aanbidder in geest en waarheid. Paulus bidt vurig dat de mensen het geloof in de liefde van God ontvangen. ‘Wij smeken U in Christus’ naam …..’.

Pieter,
De wijding tot priester maakt je ook tot gezant van het Woord van God. Je krijgt de opdracht tot verkondiging mee: in naam van Jezus moet je de mensen oproepen te geloven in het woord van God, zich erin te verdiepen en het Woord van God te beleven in concrete daden.

De wijding tot priester roept je ook op tot een leven van heiligheid, de roeping van iedere christen, maar voor de priester is deze roeping tevens een heilige plicht.

De roeping tot de heiligheid heb je al gekozen toen je je kloostergelofte uitsprak. Maar de wijding tot priester vraagt je deze roeping tot de heiligheid te intensiveren totdat je, net als Paulus kunt beamen wat Paulus zei: ‘Nee, ik leef niet meer, Christus leeft in mij’.

Door de wijding tot priester word je ook gezant van de eenheid waarom Jezus gebeden heeft voor Hij voor de wereld stierf: ‘Mogen zij allen één zijn, zoals wij één zijn, Gij in mij en Ik in hen, opdat de wereld gelove dat Gij mij gezonden hebt’.

De zending van Jezus was een zending tot eenheid, tot de onderlinge liefde: ‘hebt elkander lief’. Door de wijding tot priester geeft Jezus zijn zending, deze zending tot eenheid, tot onderlinge liefde ook door aan jou.

Tenslotte beste Pieter, en u allen broeders en zusters, hoorden wij in het Evangelie3 hoe Jezus’ hart gebroken is van medelijden. Hij is door medelijden bewogen omdat Hij zijn mensen zag zonder mensen die in Zijn naam herder zouden willen zijn voor hen.

De mensen missen personen die hun leven uit liefde aan hen wijden. De mensen missen Jezus’ persoonlijke liefde, doordat er te weinig mensen de roeping tot herder uit liefde verstaan en volgen.

‘De oogst is groot, maar arbeiders zijn er weinig’. Arbeiders die de ranken van de wijnstok verzorgen. Zoals Jezus aan zijn leerlingen, de twaalf, zei: ‘vraag arbeiders te sturen om te oogsten’, zo vraagt Jezus nu jou veel en vurig te bidden om arbeiders in Zijn wijngaard.

Beste Pieter,
Bij de oproep heb je tegen mij - tegen de Kerk dus - geantwoord: ‘Hier ben ik’. Met jouw antwoord zeg je tegen Jezus: ‘u mag over mij beschikken’.

‘Zich aan Jezus ter beschikking stellen’ betekent dat je je in Zijn ‘gestorven zijn voor allen’ laat meetrekken: wanneer je met Hem bent, kan je er werkelijk ‘voor allen zijn’.

Met je ‘Hier ben ik’ beloof je Jezus en Zijn kerk dat het lijden dat je ontmoet als kloosterling en als priester opneemt en door de genade transformeert in liefde voor hen.

Maria, wier feest wij vandaag vieren - het feest van het Onbevlekt hart van Maria - stond naast Jezus onder het kruis. Zoals Jezus Zijn moeder aan de beminde leerling Johannes toevertrouwde, zo vertrouwt Jezus nu jou aan haar toe.

Zij is op bijzondere wijze de moeder van de priesters. Met haar zul je door de genade een priester zijn naar het hart van Jezus en in het hart van Zijn en onze kerk.

Amen.



  1. 2Kor.5, 14-21
  2. Gal.2, 20
  3. Mt.9, 35-38

Persdienst Bisdom Haarlem / Wim Peeters Print artikel


Voor het laatst gewijzigd: